Fotoredactie: schrijven met beelden

Fotoredactie: schrijven met beelden

geschreven door Bart De Vliegher
01-10-2007

Kiezen van beelden is specialistenwerk. De meeste redacties hebben een eigen beeldredacteur in dienst, als creatieve schakel tussen fotografen, vormgevers en redacteurs. De beeldredacteur bepaalt mee het fotobeleid van het blad en waakt over de correcte uitvoering ervan bij het briefen van fotografen of het raadplegen van beeldbanken. De fotoredacteur woont elke redactievergadering bij, en zijn inbreng is minstens even belangrijk als die van zijn schrijvende of lay-outende collega’s.

Om te beoordelen of een beeld al dan niet geschikt is, zal een fotoredacteur in de eerste plaats rekening houden met volgende criteria:

  • Beantwoordt het beeld aan de technische vereisten?
    Is de foto scherp genoeg? De resolutie voldoende hoog? Zijn de kleuren voldoende helder?
  • Beantwoordt het beeld aan de esthetische vereisten?
    Is het onderwerp mooi in beeld gebracht? De compositie interessant? Past het beeld bij de huisstijl van het blad?
  • Beantwoordt het beeld aan de journalistieke vereisten?
    Voegt de foto inhoudelijk iets toe aan het verhaal? Is de foto nodig om het verhaal te begrijpen? Is het beeld verrassend genoeg om de lezer nieuwsgierig te maken? Hier komen – net als bij een tekst – de W-vragen om het hoekje kijken: zegt het beeld iets over het wie, wat, waar, wanneer, waarom of hoe van de feiten?
  • Beantwoordt het beeld aan het verwachtingspatroon van de doelgroep?
    Is de foto niet te choquerend? Kan hij verkeerd worden geïnterpreteerd? Of is dat misschien net de bedoeling?


Op de redactie van een bedrijfsblad is er vaak nog een vijfde factor die een fotoredacteur in overweging moet nemen. De directie van een onderneming is vaak heel gevoelig voor de fotografie die in een bedrijfsblad – intern of extern – wordt getoond. Een foto van een arbeider op een werf die niet de juiste veiligheidskledij draagt, stoot doorgaans op een njet van hogerhand. Om maar te zwijgen van een portret dat de dubbele onderkin van de CEO iets te prominent in beeld brengt...

Het fotocharter
Een goed onderbouwd fotocharter met duidelijke afspraken over de fotografie die in je blad aan bod moet komen, is een goede manier om dergelijke discussies te vermijden. Het fotocharter maakt deel uit van de huisstijl en draagt bij tot de herkenbaarheid van het blad.

Overleg met vormgevers, redacteurs en fotografen en bepaal per rubriek welk soort beeld het meest bijdraagt tot de doelstellingen van die rubriek en – bij uitbreiding – het magazine: close-up of ten voeten uit? Portret of thematisch beeld? Kleur of zwartwit? Het kan nuttig zijn om je fotocharter te stofferen met voorbeeldfoto’s die je uit andere magazines of uit beeldbanken hebt gehaald, al was het maar om aan je eigen fotografen duidelijk te maken welke beelden je precies voor ogen hebt.

Informeren of emotie?
Fotografie beweegt zich tussen twee spanningsvelden. Sommige beelden hebben vooral een informatieve waarde, andere beelden moeten het hebben van hun emotionele stopkracht. Die tweedeling is nooit strikt. Een op het eerste gezicht neutrale foto van een verkeersongeval kan voor de betrokkenen een uitgesproken emotionele waarde hebben. Een foto van een huilende moeder in oorlogsgebied mikt op emotie, maar zegt ons ook iets over de situatie.

Streef in je magazine naar een evenwichtige mix van de twee. Uiteraard lenen sommige onderwerpen zich beter tot een emotionele benadering dan andere, maar zelfs een koel zakenblad vaart wel met een streepje emotie links en rechts. Foto’s van kinderen bijvoorbeeld, trekken altijd de aandacht.

Geen portretgalerij
Vooral bedrijfsbladen hebben vaak de neiging om in de fotografie al te zeer op de mensen te focussen. Een interview met de personeelschef over een interne audit? Portretje erbij en de klus is geklaard! Helaas handelt het stuk in kwestie niet over de mens. Zo’n portretfoto zegt dus helemaal niets over het thema van het artikel, en op die manier loop je wellicht een hoop potentiële lezers mis.

Anders wordt het wanneer je de man een attribuut in handen geeft dat het thema van het artikel illustreert. Een stethoscoop bijvoorbeeld, om bij ons voorbeeld van de interne audit te blijven. Nu nog een bijpassende titel erboven, en de nieuwsgierigheid van de lezer is gewekt.

Nog een stap verder, is kiezen voor een louter thematisch beeld. In ons geval: de stethoscoop zonder de personeelschef. Het voordeel is dat dergelijke beelden vaak een grote stopkracht uitoefenen: de lezer blijft er makkelijk bij hangen. Daartegenover staat dat thematische beelden een stuk onpersoonlijker zijn. Het kan nooit de bedoeling zijn om je blad vol thematische beelden te stouwen, maar het alternatief – een opeenvolging van saaie portretten – werkt ook niet bepaald wervend.

Beeldbank of eigen fotografie?
Wie vaak gebruik maakt van thematische beelden, kan zijn toevlucht zoeken tot professionele beeldbanken. Je vindt er foto’s van de meest uiteenlopende onderwerpen, gerangschikt volgens trefwoord. Het werken met beeldbanken bespaart je doorgaans heel wat tijd, maar de kans is groot dat je dezelfde beelden vroeg of laat in een andere publicatie ziet opduiken. Voor sommige stockfoto’s kan je exclusiviteit bedingen – vooral voor een coverbeeld kan dat nuttig zijn – maar daar hangt uiteraard ook een prijskaartje aan vast.

Een vaak gehoorde kritiek is dat dergelijke stockfoto’s vaak een uitgesproken ‘Amerikaans’ karakter hebben, vooral wanneer er mensen in beeld komen. Wees dus niet al te kwistig met stockbeelden, maar spring er doordacht mee om. Gebruik ze in de eerste plaats om de gaten in je eigen fotografie op te vullen. Het heeft bijvoorbeeld weinig zin om een fotograaf op te vorderen om een beeld van pakweg een stethoscoop te maken, als je in een beeldbank tientallen perfect bruikbare alternatieven kan vinden. Een stethoscoop blijft tenslotte een stethoscoop, ook al komt ie uit Amerika.

Niets belet je overigens om voor je bedrijfsblad een eigen beeldbank te ontwikkelen. Laat een fotograaf een paar dagen loos gaan in de verschillende afdelingen van je onderneming met de expliciete opdracht om een reeks ‘stockbeelden’ te verzamelen. Zo creëer je een voorraad gepersonaliseerd beeldmateriaal waar je desnoods een jaar lang mee zoet bent.

Ken je Pappenheimers
Elke fotograaf heeft een eigen, uitgesproken stijl. De een is goed in menselijke portretten, de ander leeft zich vooral uit in sfeervolle reportages. Hou daar rekening mee bij het toekennen van foto-opdrachten. Eén vaste fotograaf is voor een magazine vaak te weinig. Te veel verschillende fotografen komt de visuele uniformiteit in je blad echter niet ten goede. Streef dus naar de gulden middenweg, en werk met een vast team van twee tot vier fotografen, met elk hun specialiteit. Voor de herkenbaarheid van je magazine is het wel een goed idee om elke rubriek aan een vaste fotograaf toe te wijzen.

Zorg ervoor dat je fotografen precies weten wat je van hen verwacht. Geef een duidelijke briefing, desnoods met behulp van voorbeeldfoto’s, en laat zo weinig mogelijk aan het toeval over. Behalve het weer misschien, maar zelfs daar springt een goede fotograaf creatief mee om.

Fotograferen is manipuleren
Met de opkomst van digitale fotografie wordt het manipuleren van beelden steeds eenvoudiger. Elke huis-, tuin- en keukenfotograaf weet inmiddels van wanten met beeldbewerkingsprogramma’s als Photoshop, en dus is het meer dan ooit verleidelijk om de realiteit een beetje te verbloemen. Spreek duidelijk af met vormgevers en fotografen hoe ver je daarin wilt gaan. Sommige fotografen huiveren alleen al bij het idee dat hun foto’s worden bijgesneden, terwijl hun vakgenoten er geen graten in zien om de lucht wat bij te kleuren of een vervelende pukkel weg te werken.

Doorgaans is er met beeldmanipulatie niets mis, zolang het beperkt blijft tot een ingreep om puur esthetische redenen. Anders wordt het wanneer je de werkelijkheid manifest geweld aandoet – twee mensen samenbrengen die elkaar nooit hebben ontmoet, of volk bijkleuren op een betoging met twee man en een paardenkop – tenzij je met opzet een komisch effect beoogt. In zo’n geval moet uit de context of het bijschrift duidelijk blijken dat het om een gemanipuleerde foto gaat, zodat je niemand op het verkeerde been zet.

Een belangrijke bedenking: een foto is altijd een manipulatie van de werkelijkheid. Door mensen of voorwerpen wel of niet te laten zien, door een bepaald standpunt in te nemen of door te kiezen voor een bepaald soort belichting geeft een fotograaf per definitie zijn visie op de feiten.

Archivering en hergebruik
Een belangrijke uitdaging voor de fotoredacteur, is het feit dat een magazine helemaal geen opzichzelfstaand medium is. Vaak is er ook een website of een elektronische nieuwsbrief aan gekoppeld. Ook daar heb je uiteraard beeldmateriaal voor nodig. Foto’s die je voor je bedrijfsmagazine hebt gebruikt, kunnen later bovendien van pas komen in een brochure of een jaarverslag, of gewoon opnieuw in je magazine. Breng daarom alle beelden onder in een overzichtelijk archief, ook de foto’s die je uiteindelijke selectie niet hebben gehaald. Bewaar niet alles op losse cd’s, maar investeer in degelijke archiveringssoftware die je helpt om de beelden makkelijk terug te vinden.

Maak duidelijke afspraken met je fotografen over het hergebruik van beelden. Is de foto bedoeld voor eenmalig gebruik, of ben je van plan om hem ook voor andere publicaties gebruiken? Ben je zelf gebrand op de exclusieve rechten, of mag de fotograaf zijn foto ook aan andere klanten doorverkopen? Allemaal factoren die de prijs van een beeld mee bepalen, en die je best zo helder mogelijk op papier zet, om misverstanden achteraf te vermijden.

Tijd om het beeldgebruik in jouw magazine eens onder de loep te houden? Mail hans.faelens@jaja.be of bel hem op 09 267 64 60 voor een vrijblijvend gesprek.




THEMA'S





Bookmark and Share






PLAATS EEN REACTIE


Naam:
E-mail:
 
 
Onthoud mijn gegevens